PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu? 

De signalen uit het ministerie worden steeds sterker dat nu al nagedacht wordt of de brokstukken van het PAS na 7 november wellicht deels weer aan elkaar gelijmd kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is best eenvoudig. Dan dient eindelijk gedaan te worden wat in de afgelopen jaren is nagelaten, en waar MOB in 2010 al om vroeg.

In de Wet natuurbescherming en artikel 6 Habitatrichtlijn staat het belang van behoud van de beschermde natuurwaarden voorop. Dat lijkt logisch, maar blijkt voor veel openbaar bestuurders een onbegrijpelijke opdracht. De opdracht is toch heus goed te begrijpen: we horen dan te onderzoeken welke minimale ecologische omstandigheden nodig zijn om de natuurwaarden in leven te houden, en waar het vermoedelijke omslagpunt ligt dat er niks meer te behouden valt. En dan daar (tijdig !) naar te handelen.

Toegespitst op de stikstofschade is een deel van dat onderzoek al uitgevoerd. Voor veel natuurtypen is vastgesteld bij welke depositiewaarden een kritische grens dreigt te worden overschreden (de KDW-lijst, zie o.a. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000 , Alterra-rapport 2397). Maar dat is nog maar de helft van het verhaal. 

De andere helft is onderzoek naar de maximaal aanvaardbare termijn dat de betrokken natuurtypen kunnen worden overbelast met een depositiewaarde boven de KD-waarde. Met inbegrip van de schadebepaling afhankelijk van de de periode en ernst van de overschrijding van de KD-waarde. Een voorbeeld:  wat is de schade van 25 jaar depositie van gemiddeld 2500 mol (p.h.p.j)  op de Grijze duinen (kalkarm) type 2130B met een KD-waarde van 714 mol in Meijendel & Berkheide? Dit natuurgebied ligt toevallig op loopafstand van het ministerie en het Binnenhof...

Anders gezegd: hoe lang kunnen we doorgaan met de huidige schadelijke deposities totdat een omslagpunt nadert dat de natuurtypes het loodje leggen? Wat is de ernst van de schadecumulatie in tijd, en na hoeveel tijd dreigt die schade onomkeerbaar te worden? Het antwoord op deze onderzoeksvraag dient uiteraard een belangrijke factor te zijn bij het bepalen van het ambitieniveau. Treurig, maar waar: dit onderzoek is tot nu toe nauwelijks uitgevoerd. MOB heeft al in 2010 (!) op eigen kosten het ecologisch onderzoeksbureau B-ware gevraagd hier een literatuurstudie naar te doen, toegespitst op een natuurtype in de Groote Peel. De uitkomst van dat onderzoek is vervolgens aan provincie en ministerie aangeboden, maar er was weinig belangstelling ... 

Het PAS bestaat behalve uit een stikstofdepositieadministratie (Aerius) ook uit natuurherstelmaatregelen. Dat zijn veel incidentele maatregelen die hooguit een tijdelijk effect sorteren, zoals plaggen en maaien en daarom nooit een eindoplossing. Daarnaast wordt in sommige gevallen ook geprobeerd het grondwaterpeil te verhogen, waaronder in veengebieden. Dergelijke meer structurele maatregelen zullen een zeker positief effect hebben op het natuurbehoud. De regering stelde dat met die meer structurele maatregelen de robuustheid van de natuurtypen wordt versterkt, en daardoor de stikstofdepositieschade minder ernstig uitpakt. Dat is een zwaar omstreden stelling. En waarschijnlijk tenminste deels onjuist. Of, nog iets voorzichtiger gezegd: volstrekt onvoldoende onderbouwd. Het is niet of-of, maar en-en. Je kan niet zo maar zeggen dat waar het waterpeil beter op orde is, dan een veel te hoge stikstofdepositie geen serieus probleem meer is. Het omgekeerde is ongetwijfeld waar: waar zowel het waterpeil te laag is en ook te hoge stikstofdeposities optreden, daar zal het betrokken natuurtype (nog) sneller verdwijnen. Maar dat betekent niet dat het verhogen van het waterpeil een ecologische rechtvaardiging kan zijn om de stikstofdeposities tot in lengte van jaren amper te reduceren, zoals de regering met het PAS voor ogen had. Kortom, het is reuze mooi dat het waterpeil in een aantal gevallen wordt aangepast, maar dat ontneemt niet de plicht om daarnaast ook de deposities tijdig stevig te reduceren.

Het vergunningenbeleid voor stikstofdeposities dient afgestemd op de noodzaak hoe snel de depositieconcentraties dienen te zakken om de betrokken natuursoorten te behouden. MOB wil er graag op rekenen dat we nu eindelijk wel op een punt zijn gekomen dat het natuurbelang centraal staat bij het nu op te stellen natuurbeleid, en het vergunningenbeleid daarvan een afgeleide... 

 

15 oktober 2018: uitgebreide radio uitzending over het PAS 

Het radio 1-nieuwsprogramma 'Reporterradio' is bij een groot aantal deskundigen langs gegaan voor een lange rapportage over het PAS en de aanstaande uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Er komen ecologen, juristen en een LTO- woordvoerder aan het woord. Een aanrader voor wie beter wil begrijpen hoe het PAS in elkaar steekt, en waarom zware kritiek wordt geleverd op het PAS. Ook de woordvoerder van MOB en vereniging Leefmilieu komt aan het woord. 

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

10 oktober 2018: uitspraak EU Hof van Justitie 7 november

Het aftellen is begonnen. Het Hof van Justitie in Luxemburg heeft MOB bericht dat 7 november uitspraak wordt gedaan over het PAS. Er bestaat nog een kleine kans dat die datum nog een paar weken wordt opgeschoven. Maar het zal niet meer lang duren. 

Als zelfs maar de helft wordt overgenomen van het advies van de AG (zie bericht hieronder van 26 juli) dan wordt het heel moeilijk voor het PAS. Dat het PAS klappen krijgt lijkt bijna zeker. De vraag is hoe ernstig het gaat zijn. Dat moet over enkele weken duidelijk worden. 

In de passende beoordeling zullen mogelijk grote gaten blijken te zitten. Met als gevolg dat de passende beoordeling tijdelijk - en mogelijk zelfs definitief - niet meer kan dienen om het PAS overeind te houden. Afhankelijk van de uitspraak van het Hof bestaan de volgende mogelijkheden:
1. veel (deposities als gevolg van) beweiding en mestaanwending zijn altijd illegaal geweest
2. alle bedrijven die met hun deposities zijn uitgebreid op basis van een PAS-meldingen zijn geheel of gedeeltelijk illegaal uitgebreid 
3. de vele honderden vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en bij de rechter zijn aangevochten worden vernietigd, en vervallen in illegaliteit 
4. allle vergunningen die zijn verleend op basis van het PAS en wel onherroepelijk zijn geworden, zijn verleend in strijd met de Habitatrichtlijn en staan daarmee genomineerd om te worden ingetrokken. 
 
Indien dit lijstje van 4 punten inderdaad geheel of gedeeltelijk de uitkomst zal zijn van de uitspraak, dan is dat verstrekkend. 
Hiervoor zijn dan in de eerste plaats het Ministerie van I&M en de veehouderijsector verantwoordelijk. Immers, indien een mega-beleidsprogramma wordt opgezet - toen nog enthousiast gesteund door de bedrijfssector - waarmee vergunningen als zoete broodjes kunnen worden uitgedeeld, en dat beleidsprogramma blijkt te zijn gebouwd op drijfzand, dan mag worden verwacht dat die partijen ook de verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen als het programma sneuvelt. Waar een megaprogramma sneuvelt zal onvermijdelijk megaschade optreden. Die schade wordt tot nu toe hoofdzakelijk gedragen door de Nederlandse flora en fauna. Althans, voor zover die natuur nog draagkracht heeft. Het is zaak om die schade alsnog eerlijk te verdelen. Daarbij moet gelden: wie in het verleden herhaaldelijk onhoudbare keuzes heeft gemaakt kan niet nog langer de hand boven het hoofd worden gehouden. 

MOB en Ver. Leefmilieu zijn ondertussen bezig om een serie verzoeken om handhaving in te dienen. Het bevoegde gezag (de provinciebesturen) wordt verzocht handhavend op te treden tegen bedrijven die zonder vergunning natuurschade veroorzaken door mest uitrijden en/of beweiden. Daarnaast wordt een serie verzoeken om handhaving ingediend bij het bevoegde gezag om op te treden tegen bedrijven die zijn uitgebreid op basis van een PAS-melding. Van de PAS-melding staat inmiddels op basis van Raad van State jurisprudentie vast dat aan een PAS-melding geen vergunningrechten kunnen worden ontleend. Als het PAS sneuvelt, dan zijn alle bedrijven die zijn uitgebreid zonder vergunning illegaal uitgebreid. 

Een ander verzoek zou deze kunnen worden: kunnen we SVP de mensen die enkele jaren geleden positief hebben geadviseerd en/of beslist over het PAS ter verantwoording worden geroepen, en laten uitleggen waarom zij niets hebben gedaan met de ook toen ingebrachte kritiek op het PAS? 
Gelijktijdig zullen de regering en de bedrijfsector dan eindelijk wel serieus aan de slag moeten met ammoniak- / stikstofreductie.       
Er dient een plan te komen dat concreet zicht biedt op het bereiken van een gunstige staat van de natuur. Daarbij zal een krimp van de Nederlandse veestapel onvermijdelijk zijn. 

JC

 

26 juli 2018: Advies aan Europese Hof maakt toekomst PAS uiterst onzeker 

De Advocaat Generaal van het Europees Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over het PAS aan het Europees Hof. Deze adviezen worden vaak overgenomen door het Hof.

Het PAS is een mega-beleidsprogramma van de Nederlandse regering om nog meer veestallen en wegenbouw mogelijk te maken. Daarmee worden ook meer natuurschadelijke stikstofemissies toegelaten in Nederland. Het PAS verklaart vergunningen voor natuurschade mogelijk door gelijktijdig ook maatregelen te laten nemen voor natuurherstel. De adviseur van het Europees Hof van Justitie noemt dit strijdig met de Habitatrichtlijn, onder meer omdat natuurherstelmaatregelen niet de oorzaak van de natuurschade aanpakken, maar enkel de gevolgen. Dit beleid is als dweilen met de kraan open. Hiermee wordt de essentie van het PAS in strijd met de Europese Habitatrichtlijn verklaard. 

Het advies van de Advocaat Generaal is funest voor het PAS om minimaal 5 redenen:

  1. De veronderstelde positieve effecten van toekomstige natuurherstelmaatregelen hadden niet als positief saldo mogen zijn ingeboekt in de Passende Beoordeling. 
  2. De duur en ernst van de optredende stikstofoverbelasting dienen te worden betrokken in de Passende Beoordeling.
  3. De autonome ontwikkeling (lees: emissiereductie als gevolg van reductiebeleid voorafgaand aan het PAS) en nog te nemen (dus toekomstige) bronmaatregelen dienen in de Passende Beoordeling buiten beschouwing te blijven.
  4. De ambitie van een landelijk dekkend totaalprogramma zoals het PAS is enkel mogelijk mits ook een concreet zicht wordt geboden op het bereiken van een gunstige natuurstatus van de Natura 2000 zones. Het PAS biedt geen concreet uitzicht op het bereiken van een gunstige natuurstatus. Immers, er wordt slechts een extra reductie van 2% in 3 x 6 jaar tijd geboden, waar naar het oordeel van de wetenschap in veel gevallen een reductie van meer dan 50% noodzakelijk is.     
  5. Bemesten en beweiden is in Passende Beoordeling onzorgvuldig betrokken, en had in ieder geval niet geheel vergunningvrij mogen zijn verklaard. 

Elk van deze 5 kritiekpunten staat in de weg aan het in stand houden van het PAS.  

Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment hebben samen met Stichting Behoud de Peel beroep ingesteld bij de Raad van State tegen het PAS, op basis waarvan de Raad van State aan het Europese Hof om een uitspraak heeft verzocht. Volgens mr. Valentijn Wösten, die de rechtszaak voert namen Vereniging Leefmilieu en Mobilisation for the Environment, zal het onvermijdelijk worden dat de Nederlandse veestapel moet krimpen. De meeste beschikbare milieutechnieken worden al lang toegepast. Bovendien blijken veel milieutechnieken slecht te presteren, zoals de luchtwassers. Dan resteert enkel nog reductie van de veestapel. Nederland is het meest veedichte land van Europa en is al decennia oorzaak van meerdere milieuproblemen.

De definitieve uitspraak van het Europese Hof wordt in het najaar van 2018 verwacht. Voor het advies van de Advocaat Generaal, zie hier

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

18 mei 2018: open brief aan Minister Wiebes

Geachte heer Wiebes, Excellentie,

Gisteravond bezocht ik een lokale VVD-bijeenkomst, waar u het gesprek aanging met uw partijgenoten over met name de energietransitie.

U hield daar een enigszins naief optimistisch betoog, zoals we die inmiddels van u gewend zijn. Maar, misschien is het ook wel zo dat een minister geen andere keuze heeft dan naief optimisme. U dient immers vooral de mogelijkheden te benutten, en u niet blindstaren op de moeilijkheden. Maar op één punt uit uw verhaal ging ik toch flink stuiteren. Dat was toen u uw toehoorders voorhield dat we ook de zure regen opgelost hebben gekregen, en we dan toch ook de broeikasgassen aangepakt moeten kunnen krijgen. 

Pardon? Hoorde ik dat goed? Dus het PAS bestaat niet? U als minister moet weten dat sinds 2015 met het PAS een beleidsprogramma door de Nederlandse autoriteiten in werking is gesteld dat is bedoeld om de zure regen aan te pakken, die qua megalomaniteit nauwelijks onderdoet voor de 5-jaren-plannen van de voormalige Sowjet Unie. En, mag ik u vragen: lopen er momenteel geen 100-en rechtszaken over het PAS? Wordt op de ministeries volgens u niet met bezorgheid de uitspraak van het EU Hof van Justitie over de (on)houdbaarheid van het PAS afgewacht? Wordt in het regeerakkoord het (potentieel bij de rechter sneuvelen van het) PAS niet genoemd? Of bedoeld u te zeggen: 'er is wellicht enkel nog wat juridisch geneuzel over het PAS, maar het probleem van zure regen speelt niet serieus meer?' Het is gissen. Uw bewering klemt te meer omdat u zich kort daarvoor nog beriep op uw Beta-achtergrond, en u zegt graag vanuit de feiten te willen vertrekken. Nou, als dit uw feiten zijn dan is er iets goed mis met uw feiten.

Ik ontkwam niet aan een stevig interruptie van uw voordracht, en hield u voor: "Dus de Programmatische Aanpak Stikstof bestaat niet, en er loopt geen rechtszaak daarover bij het EU- Hof van Justitie?" U mompelde daarop iets over een beheersbaar probleem, en trachtte later in uw betoog bovendien met een flauwe retorische grap hierover nog de lachers op uw hand te krijgen. 

Na uw verhaal sprak ik nog wat van uw partijgenoten. En, het moet gezegd: veel mensen denken dat we geen probleem meer hebben met zure regen. Dat kan hen nog wel vergeven worden, maar u als minister hoort beter te weten. En dit brengt me bij die andere misstand die al vaker door MOB is genoemd: Natuurmonumenten verzaakt schandelijk haar verantwoordelijkheid. De kennelijk breder verspreide gedachte dat de zure regen geen probleem meer is, is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van Natuurmonumenten. Zij zijn als grootste natuurterreinbeheerder de bekendste en grootste probleemeigenaar, en horen hierover aan de bel te trekken. Hoe kunnen burgers en TK-leden weten dat er nog wat aan de hand is als Natuurmonumenten niet laat horen dat we nog belangrijke stappen moeten zetten? Hoe kunnen VVD-leden weten dat we voorlopig nog niet klaar zijn met de zure regen als Vereniging Natuurmonumenten zwijgt? 

Geachte heer Wiebes, ik ben het van harte eens met uw wens dat we moeten uitgaan van de feiten. Volgende keer beter graag. En, mijn dringende verzoek om bij volgende gelegenheden dat u wat over de energietransitie komt vertellen: schrap SVP die anecdote over de opgeloste zure regen. Dat is eenvoudig lulkoek. 

Met hartelijke groet,

J.C.

 

4 mei 2018: verslag rechtszitting 3 mei EU Hof van Justitie te L'burg

Kort samengevat: weinig nieuws, en dat is wellicht goed nieuws.

Het gebouw van het EU Hof van Justitie is gevestigd in een kolossaal en enigszins onmenselijk gebouw in een buitenwijk van Luxemburg- stad. Een rechtszaal bijna zo groot als een voetbalveld, met aan weerszijden vertaaldienst-hokken. Alle EU-talen moeten kunnen worden gesproken en verstaan, elke taal heeft een eigen simultaan-vertaalhok. De 5 rechters en advocaat-generaal zitten onbereikbaar voor alle partijen op grote afstand, op een hoog podium en achter een zware balie. De rechters zijn afkomstig uit Finland, Roemenië, Slovenië, Nederland en Litouwen.

gebouw EU

Foto: Wil Janssen

De voornaamste voertaal op de rechtszitting is Nederlands, maar de procestaal Frans. De vertaaldienst moet alles wat gezegd wordt simultaan vertalen. Dat betekent langzaam praten. Dat ging niet altijd goed, ook niet bij mij. En dat terwijl ik mij nog zo stellig had voorgenomen l.a.n.g.z.a.a.m. te praten Een scherpe oefening in openbaar presenteren. Daarbij komt ook nog dat elke rechtbank weer eigen procesregels heeft, waarvan je van te voren niet precies weet hoe die worden toegepast. Kortom, dit alles geeft de nodige ruis. 

Naast MOB en Ver. Leefmilieu is ook Stg Behoud de Peel partij, en voeren het woord. Verder ook pleidooien van Nederland, de Europese Commissie en Denemarken. Andere EU-landen hadden zich ook partij kunnen hebben gesteld, maar hebben dat niet gedaan. Ook de betrokken 9 veehouderijbedrijven zijn absent. Alle aanwezige partijen hebben 20 minuten spreektijd.

Iedereen heeft zijn of haar verhaal gehouden. De verwachting was dat daarna de werkelijke behandeling zou plaats hebben, en er (scherpe) vragen zouden worden gesteld door de rechters. Maar dat gebeurt nauwelijks. Een soort anti-climax. De spannendste vraag is dan nog gesteld aan de NLse regering door Advocaat-Generaal Kokott. Haar rol is om advies uit te brengen aan de rechters over de zaak. Kokott vraagt of de kritische depositiewaarden inderdaad worden overschreden bij de betrokken Natura 2000 zones. Maar hoe spannend is die vraag nou eigenlijk? De NLse regering kan natuurlijk onmogelijk ontkennen dat de KD-waarden worden overschreden. Maar, zoals we al weten: regeringen mogen liegen en halve waarheden vertellen. De Nederlandse regering reageerde op de vraag van Kokott met de stelling dat het antwoord genuanceerd ligt (...) :

"Niet de overload aan stikstofdepositie is schadelijk, maar de gevolgen van die stikstofdeposities. Als we die gevolgen van de stikstofdepositie kunnnen wegnemen, dan is er geen urgent probleem. We nemen de gevolgen van de stikstofdepositie weg met acties als plaggen en maaien, dus kunnen we spreken van een voldoende hanteerbaar probleem." 

Een eerloze vertoning. Als een echo uit de tijd dat CDA en VVD het natuurbeleid hadden gekaapt en binnen die partijen het standpunt weer was gekaapt door varkensboeren en ponyfokkers. Met een niet nader te noemen PvdA-kamerlid in de Judasrol, en - vooruit - dan ook nog wat rondhupppelende Groen Links-kamerleden die liever lammetjes tellen dan serieus aan de slag gaan. En om het plaatje dan maar verder compleet te maken: Natuurmonumenten komt ons hups vertellen over Nederlandse Oerrrnatuur en Natuur & Milieu stuurt met subsidie van het ministerie een reclamefolder rond over het PAS. Dit alles is ontleend aan de werkelijkheid... Met het pleidooi van de NLse regering herleefde dit recente verleden van onze NLse natuurpolitiek. Mag dit SVP de laatste keer zijn?   

Er blijft dus gezegd worden dat het onbepaald voortzetten van langdurige overschrijding van kritische positiewaarden (de z.g. KD-waarden) geen probleem is. Kortom: een 'stand still' van de deposities zou  een verdedigbaar beleid zijn zolang maar gelijktijdig voldoende natuurherstelmaatregelen worden genomen, aldus de woordvoerder van onze regering. Dit betekent: dweilen met de kraan open. Het standpunt van de regering is door MOB c.s. met alle mogelijke argumenten in woord en geschrift bestreden. MOB en Ver. Leefmilieu stellen dat depositie-standstill gelijkstaat met achteruitgang. Waar gedurende decennia veel te hoge stikstofdeposities optreden, treedt accumulatie van schadelijke stoffen op in de bodem. Met de ophoping van verzurende stoffen in de bodem treedt op enig moment een omslagpunt op, waardoor veel stikstofgevoelige natuurtypen het loodje leggen.

Wat is volgens MOB dan wel een mogelijke oplossing? Het PAS kan pas serieus worden genomen als die wordt opgesplitst in enerzijds natuurbeheermaatregelen, die sowieso onvermijdelijk zijn. En anderzijds wel serrieuze stikstofdepositiereductiemaatregelen, eventueel opgedeeld in verschillende sectoren. Een serieuze krimp van de NLse veestapel is onvermijdelijk.

Een tweede vraag van Kokott is geweest of de natuurherstelmaatregelen al dan niet als bronmaatregelen zijn aan te merken. Achter die vraag zit een ingewikkelder juridisch verhaal. In het PAS vliegen de verschillende soorten maatregelen je om de oren: herstelmaatregelen, bronmaatregelen, instandhoudingsmaatregelen, mitigerende maatregelen, compenserende maatregelen, preventieve maatregelen, passende maatregelen. Een belangrijk juridisch punt is welke maatregelen wel en niet mogen worden betrokken in de passende beoordeling die nodig is voor het vergunnen van nieuwe, natuurschadelijke stikstofdeposities. De overheid kan altijd wel met een nauwelijks toegankelijk verhaal komen waarom die nieuwe megastal (of die nieuwe snelweg of woonwijk) geen enkel probleem geeft, al dan niet opgeluisterd met duurbetaalde (witwas-)rapporten. Maar als sommige maatregelen volgens het EU Hof van Justitie 'compenserende maatregelen' in de zin van artikel 6 lid 4 Habitatrichtlijn moeten worden genoemd, dan heeft het PAS een serieus probleem. Een juridische kernvraag is daarom of sommige maatregelen moeten worden aangemerkt als 'compenserende maatregel'. Hoewel dit een essetiële vraag betreft, kwam dit  niet scherp aan bod. 

Naast de vraag of al dan niet sprake is van compenserende maatregelen gaat het - opnieuw louter juridisch bekeken - ook om de volgende punten:

- is bemesting van cultuurgronden een vergunningplichting project?

- welke onderzoekseisen stelt de wet (de zogenoemde 'passende beoordeling' waarin moet zijn onderbouwd dat geen ecologieschade optreedt) indien een groot aantal activiteiten (projecten en plannen) vergunningvrij worden verklaard?

- mogen (al dan niet toekomstige) natuurherstelmaatregelen worden betrokken in de 'passende beoordeling' die aan het PAS ten grondslag is gelegd? 

Misschien is het wel zo dat de rechtszitting in deze zaak weinig toegevoegde waarde heeft. Dat is nu niet duidelijk te zeggen. De rechtszitting heeft overigens niet plaats gehad omdat het EU Hof van Justitie dat nodig vond, maar omdat de NLse regering daar om had gevraagd. Misschien is het wel zo dat de rechters nu nog weinig met het dossier hebben gedaan en op 3 mei enkel alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld nog wat te zeggen, naast hetgeen alle partijen eerder hadden geschreven. En nu eerst de A-G Kokott advies gaat uitbrengen, op de rechtszitting aangekondigd voor 12 juli. En dat de rechters en hun medewerkers daarna pas werkelijk met het dossier aan de slag gaan.

De zitting heeft in ieder geval geen nieuwe aanwijzigingen opgeleverd dat het PAS in orde zou zijn. Geen nieuws is wellicht goed nieuws.

Het is nu geduld hebben tot omstreeks 12 juli. Dan komt meer (tussen)nieuws beschikbaar met het advies van A-G Kokott. Dat advies is geen uitspraak, maar enkel een vrijblijvend advies voor het Hof. Maar dat advies heeft in de praktijk wel een serieus gewicht.

Wordt vervolgd.

V.W.

 

1 mei 2018: voorbereiding rechtszitting van 3 mei EU Hof van Justitie te Luxemburg-stad

Aanstaande donderdag 3 mei om 09.30 uur zal de rechtszitting plaatshebben van het EU Hof van Justitie over de prejudiciële vragen van de NL Raad van State over het PAS.

Het PAS is een soort multi-vergunning voor alle toekomstige Nederlandse stikstofemissies veroorzaakt door verkeer, industrie, veeteelt / landbouw en huishoudens in de periode 2015-2021.

Ter zitting zullen Mobilisation en Ver. Leefmilieu betogen dat het PAS in strijd is met het Europees Recht.
Stichting Behoud de Peel is ook partij.
In totaal zullen 5 personen als vertegenwoordiger aanwezig zijn, waarvan 3 woordvoerders.
MOB en de Vereniging richten hun argumenten met name op de stikstof (ammoniak)emissies vanwege veehouderij.

Het Europees Recht, meer precies artikel 6 lid 3 Habitatrichtlijn, eist dat de NLse autoriteiten wetenschappelijke zekerheid moet hebben voordat één of meerdere activiteiten wordt toegestaan waarmee potentieel natuurschade optreedt bij Natura 2000 zones.

Nederland is het meest veedichte land van Europa en ver daarbuiten.
Onomstreden treedt al sinds de jaren 60/70 meervoudig hogere stikstofdeposities op dan milieuwetenschappelijk kan worden verantwoord.

De NLse regering meent met het PAS de natuurschade vanwege alle (alle !) stikstof-uitstotende activiteiten voor de volgende 6 jaar te kunnen verantwoorden.
De regering pretendeert daarmee niet enkel een glazen bol te hebben voor toekomstige emissies en deposities.
Bovendien meent het voldoende kennis te hebben van alle scheikundig-biologische processen van de gevolgen van stikstofdeposities op het complexe bodemleven voor zowel flora en fauna om de al decennia optredende schade in de hand te houden.
De Nederlandse regering stelt zich hiermee op als een ecologische tovenaarsleerling, als een kwakzalver die een levensbedreigende infectieziekte denkt te kunnen bestrijden met paracetamol.
Tot op heden hebben de NLse autoriteiten zich bij herhaling niet laten kennen als erg bijzonder krachtdadig of deskundig op het gebied van natuurbeheer.

Tot slot valt op dat Ver. Natuurmonumenten - de eigenlijke probleemeigenaar - onverminderd verstek laat gaan, en daarmee haar verantwoordelijkheid grondig blijft verzaken.

4 april 2018: Europese Commissie geeft Nederland 2 jaar voor derogatie

In vervolg op het bericht van 26 maart hieronder, brief MOB e.a. aan de EU-commissie: Nederland krijgt 2 jaar de tijd in plaats van 4 jaar om de derogatieplichten waar te maken. Dat betekent dat over anderhalf jaar het derogatieverzoek weer opnieuw op tafel komt te liggen bij de EU-Commissie. Kortom, het laatste woord is nog niet gesproken. Een nieuwe derogatie zonder veestapelkrimp als onderdeel van het actieplan bij de derogatie staat gelijk aan wegkijken. 

Wat is de rol van de waterwinbedrijven en de waterschappen in deze zaak? Maar ook bijvoorbeeld Vereniging Natuurmonumenten hebben belang bij schoon water. Waarom laten zij zich amper horen? Denken zijn  naief dat het bereiken van de waterkwaliteitsdoelen kan worden gecombineerd met het hoogste veedichtheid van Europa? VEWIN (samenwerkende waterwinbedrijven) heeft een overeenkomst met LTO gesloten om het gewenste waterkwaliteitsdoel te realiseren, maar ventileert in de landelijke media ook dat de mestvervuiling van het grondwater een groot probleem is. De overeenkomst met LTO roept vragen op, omdat LTO slechts een beperkt deel van de agrariërs vertegenwoordigd. Veel varkens-, pluimvee-, en melkveehouders zijn niet bij LTO aangesloten. Bovendien: in hoeverre kan de LTO haar leden werkelijk binden aan doelen? Welke middelen heeft VEWIN indien de afgespoken doelen niet worden gehaald? Deze vragen zijn onbeantwoord. 

Nu kan anderhalf jaar gewerkt worden aan een coalitie van partijen om zich dan opnieuw bij de EU-Commissie te laten horen. 

26 maart 2018: brief aan de Europese Commissie over 6e derogatie Nitraatrichtlijn en de Nederlandse mestfraudecultuur

Op 26 maart 2018 is namens MOB en nog 10 organisaties een brief verzonden aan de Europese Commissie met het verzoek om een 6e Nederlandse derogatie van de Nitraatrichtlijn te weigeren. Gegeven de recent aan het licht gekomen mestfraudecultuur waarvan de veehouderij diep doordrongen blijkt, en een Nederlandse overheid die blijkbaar jarenlang achterover heeft geleund, kan een 6e NLse derogatie van de Nitraatrichtlijn geen bijdrage zijn aan het bereiken van de doelstellingen van de Nitraatrichtlijn. Te meer niet, nu het 6e actieprogramma dat is overlegd door de Nederlandse Overheid nauwelijks serieus beleid aankondigt om de fraude aan te pakken. 

De Nitraatrichtlijn staat beleidsmatig los van de PAS en de Habitatrichtlijn. Aangezien de oorsprong van de milieuschade dezelfde is, kon deze brief niet ongeschreven blijven.

Voor de inhoud van de brief, zie de webpagina:

Nitraatrichtlijn weigeren 6e derogatie 

9 maart 2018: Raad van State schorst PAS vergunningen voor veehouderij !

MOB, Vereniging Leefmilieu en Werkgroep Behoud de Peel zijn door de Raad van State in het gelijk gesteld met hun verzoek om natuurvergunningen voor veehouderij te schorsen. De vergunningen waren verleend door de provincies Gelderland en Limburg op basis van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). MOB en partners stellen dat de provincies veel te veel vergunningen hebben afgegeven waardoor onacceptabele natuurschade optreedt. De Raad van State bevestigt dat teveel vergunningen zijn uitgegeven, en zegt nu rekening te houden met veel meer schorsingsverzoeken van verleende vergunningen. Zie hier voor de uitspraak. Bij de uitspraak heeft de Raad van State ook een persbericht uitgebracht. 

 

 


Lees meer

19 mei 2018: open brief aan TROUW-journalist Emiel Hakkenes

Geachte heer Hakkenes,

U schreef in de TROUW van 19 mei een uitgebreid artikel over onbetrouwbare luchtwassers in de veehouderij. Mijn compliment voor dat artikel.

Kort samengevat schrijft u dat de NLse autoreiteiten meer dan 10 jaar milieutechnieken in de veehouderij heeft toegelaten waarvan het effect meervoudig is overschat, met als gevolg een veel grotere geurbelasting voor de omwonenden. Kortom, de luchtwassers doen niet wat de autoriteiten vele jaren hebben beweerd. Op basis van onjuiste milieufeiten zijn talloze vergunningen afgegeven. Veehouders zijn nu boos omdat ze zich belazerd voelen. [einde samenvatting]. 

In reactie op het artikel geef ik u enkele opmerkingen mee.

- De luchtwassers worden door de veeboer gekocht bij luchtwasserfabrikanten. Als die luchtwasserfabrikanten hun vak serieus nemen, dan horen zij te weten wat het werkelijke milieurendement is van die luchtwassers. Als zij dat niet weten, dan is er iets goed mis in die branche. Dan verkopen zij immers apparatuur waarvan zij niet weten wat het waard is. Zouden ook jarenlang op grote schaal tractoren kunnen worden verkocht zonder dat de boeren opmerken dat die tractoren beroerd functioneren? 

- Er hebben jarenlang voorschriften gegolden die de veehouders de plicht oplegden milieurendementsmetingen te doen van de luchtwassers. Veehouders konden weten dat de luchtwassers niet boden wat gesteld werd.

- Het is al jarenlang een publiek geheim dat de luchtwassers disfunctioneren. In 2009 is zelfs een heus proefschrift verschenen over dit onderwerp: Air treatment techniques for abatement of emissions from intensive livestock production, van R.W. Melse, waarin reeds twijfels werden gesteld bij het milieurendement van de betrokken luchtwassers. En, een enkele luchtwasserfabrikant heeft hierover al jaren geleden aan de bel getrokken. Gaat u maar eens zoeken in de archieven van agrarische pers. Als veehouders stellen dat dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel komt is grote onzin.

- De verontwaardiging van de veehouders moet met een grote korrel zout worden genomen. Er zijn honderden miljoenen Euro's aan subsidie aan de luchtwassers besteed, tot 33 % van de kosten per luchtwasser. Kortom, aan aanzienlijk deel van de kosten zijn betaald door u en mijzelf.

- De verontwaardiging van de veehouders zijn te meer krokodilletranen als je de reputatie van de veehouders nader onderzoekt met betrekking hun zorgplicht om de luchtwassers deugdelijk te laten functionenren. De veesector trekt met haar verontwaardiging enigszins een te grote broek aan. En dan druk ik mij voorzichtig uit. Zie o.a. de volgende van overheidswege gepubliceerde rapporten, allen beschikbaar via internet:

1. Rapport: resultaten Brabantbrede toezichtsaanpak luchtwassers 2011-2012 (2013, Handhavingssamenwerking Noord Brabant)

2. Naleeftekorten bij luchtwassers in de intensieve veehouderij, Effect op emissie(-reductie) van ammoniak (2012, RIVM briefrapport 609021121/2012 J. Vonk et al.)

3. Toezicht- en naleeftekorten bij de IPPC branche intensieve veehouderij, Onderzoek naar luchtwassystemen en het effect op de ammoniakemissie (2012, Inspectie Leefomgeving en Transport)

- Wat sterk opvalt in de reactie van de staatssecretaris is de stiefmoederlijke aandacht voor de gevolgen voor omwonenden en omliggende natuur. Zij zijn de werkelijke slachtoffers. Bij omwonenden (geurhinder) en natuur (ammoniakschade) treedt kennelijk veel meer schade op. Er zijn ca. 1000 (!) van dergelijke onbetrouwbare luchtwassers geplaatst. Nu vast is komen te staan dat de milieugetallen onjuist zijn en zullen moeten worden bijgesteld, zijn herberekeningen noodzakelijk om de juiste milieuschade vast te stellen. Niet de veehouders zijn het slachtoffer, maar de omgeving van de veehouders. De autoriteiten horen nu met gezwinde spoed herziene milieuberekeningen uit te voeren, en alle omwonenden aan te schrijven die op basis van de juiste cijfers in een geuroverbelaste blijken te zitten. En daarvoor een oplossing te vinden. De veehouder heeft zijn vergunning inmiddels op zak, en zijn bedrijf opgericht. Hij verdient nu zijn geld over de rug van zijn omgeving. En, zoals hiervoor al is gesteld: als de veehouder zijn huiswerk had gemaakt, had ie kunnen (en anders: moeten) weten dat de milieuprestaties van de luchtwassers omstreden zijn.

- Ik wijs u nog op een recente uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 december 2017 (ECLI:NL:RBGEL:2017:6442). In die zaak is een veehouder uit Bronckhorst door de rechter aansprakelijk gesteld voor het veroorzaken van ontoelaatbare geurhinder bij zijn buren. Onder ontoelaatbare geurhinder verstaat de rechter alle geurhinder waarbij de wettelijke normen van de Wet geurhinder en veehouderij worden overschreden. Dat de veehouder voor die geurbelasting een vergunning had, ontneemt niet zijn aansprakelijkheid voor die geurhinder. Er zijn met de sjoemel-luchtwassers naar schatting 100-en omwonenden die nu de veehouder aansprakelijk kunnen stellen voor onrechtmatige overlast. En terecht. De veehouder kon (danwel moest) weten wat de milieuprestaties zijn van de door hem geplaatste luchtwassers. Koopt een boer een tractor zonder dat ie weet wat dat die tractor ja dan nee kan? En dan zou een boer wel tonnen (waarvan een deel bovendien gemeenschapsgeld, zie hierboven) besteden aan een luchtwasser zonder dat ie weet wat die waard is? De veehouder is ook zelf verantwoordelijk voor wat ie koopt. En, als hij het daar niet mee eens is dan moet ie verhaal gaan halen bij zijn luchtwasserfabrikant. De vergelijking dringt zich op met de Fibronil-affaire. Ook in die zaak trachtte (of: tracht nog steeds?) de veesector de autoriteiten aansprakelijk te stellen voor de Fibronilschade. Alsof de ondernemer niet zelf verantwoordelijk is voor wie hij uitkiest voor te verlenen diensten. Voor meer info over de rechtszaak, zie:

www.foodlog.nl/artikel/varkensboer-moet-omwonenden-schadeloos-stellen-voor-stank/

- Tot slot, over de natuurschade. Het PAS is mede gebaseerd op mogelijk onjuiste ammoniakemissiecijfers van luchtwassers. Het gaat om naar schatting 1000 luchtwassers, vaak nabij Natura2000 zones. De Aerius berekeningen zullen moeten worden herzien en bijgesteld. De feitelijke ammoniakdeposities zijn dan kennelijk veel hoger dan waar in de Passende Beoordeling bij het PAS van is uitgegaan. Andermaal zal de ontwikkelingsruimte moeten worden bijgesteld. Onvermijdelijk zal moeten worden vastgesteld dan op nog meer punten meer dan 100% van de ontwikkelingsruimte blijkt te zijn uitgegeven. Kunnen de mensen die verantwoordelijk zijn voor het PAS SVP opstaan? 

Met vriendelijke groet,

V.W.

PAS actueel

9 november 2018: PAS 2 - deel 1

Twee dagen na de uitspraak is het stof enigszins opgetrokken. En komt ruimte voor de belangrijke vraag: hoe nu verder? Hoe gaat PAS 2 vormgegeven worden, en wat is het standpunt van MOB en vereniging Leefmilieu hierin?  

Een mogelijk traject is om de veehouderijsector een uitnodiging te sturen voor een constructief gesprek. Een gesprek om het probleem wat er nu ligt op te lossen. Het probleem is serieus. De natuur ondergaat al meer dan 50 jaar ernstige schade. Gelijktijdig ziijn vele duizenden veebedrijven illegaal in bedrijf. Bedrijven die zonder vergunning stallen hebben gebouwd en/of mest uitrijden.

Dit probleem kan langs twee wegen worden opgelost: de juridische of de bestuurlijke route. Wordt het een nieuwe juridische strijd, of gaat er gepraat worden en worden knopen doorgehakt? De veehouderij is niet de enige relevante sector, wel is het de belangrijkste bron van de schadelijke ammoniakemissies. De sector heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. MOB rekent op een ontmoeting met bestuurders die willen werken aan een veehouderijsector met draagvlak in de rest van de samenleving.

Wordt vervolgd.              

7 november 2018: Europese rechter noemt Nederlands natuurbeleid zwaar onvoldoende

Onterechte uitbreidingsvergunningen voor duizenden veebedrijven, uitbreiding A27 en drie nieuwe kolencentrales

Het Europese Hof in Luxemburg heeft vandaag het Nederlandse natuurvergunningenbeleid van tafel geveegd. De uitspraak betekent dat duizenden natuurvergunningen voor bedrijfsuitbreidingen die sinds 2015 zijn verleend nooit hadden mogen worden afgegeven. Concreet gaat het om bedrijfsuitbreidingen van veehouderijen, diverse kolencentrales en biomassa-installaties. Ook het tracébesluit voor uitbreiding van de Ring Utrecht (A27) met de bijbehorende bedreiging van Amelisweerd is hiermee op losse schroeven komen te staan. De Nederlandse natuur zucht al meer dan vijftig jaar onder ernstige natuurschade vanwege veel te hoge concentraties stikstof, vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven en met name de intensieve veehouderij. We vergiftigen onze natuur en daarmee onszelf. Deze juridische titanenstrijd is gewonnen door drie kleine milieuorganisaties.

Lees de uitspraak van het Europese Hof hier.

Johan Vollenbroek voorzitter van Mobilisation for the Environment: ‘Dit is een enorme overwinning voor de natuur. Al jaren vergiftigen wij als mensen onze eigen leefomgeving. Ammoniak en stikstof zijn beide zuurvormende stoffen in de bodem en voor de natuur gevaarlijke gifstoffen bij nu bestaande overdosering met alle gevolgen van dien. De natuur gaat gebukt onder de intensieve veehouderij, en wij als mensen ook, van q-koorts tot MRSA en endo-toxinen (*). Allemaal gevolgen van een te intensieve veedruk waarvoor we massaal veevoer importeren en bossen wereldwijd verwoesten voor producten die we voor het grootste deel naar het buitenland exporteren. Net als met de Urgenda-uitspraak geldt ook hier: de overheid moet zorgen dat eerder gedane beloftes nagekomen worden’.

Valentijn Wösten, raadsman coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu: ‘Onze leefomgeving, natuurgebieden en biodiversiteit gaan ten onder aan het huidige beleid, en het Europese Hof bevestigt nu dat het beleid niet klopt. De Raad van State kan nu aan de slag met de vele honderden wachtende rechtszaken en die vergunningen ongeldig verklaren. De ministers van LNV en I&M moeten als de wiedeweerga terug naar de tekentafel. De PAS is als een pleister plakken op een patiënt die aan het infuus ligt. Het helpt geen zier. Rigoureuzere maatregelen zijn nu nodig van de regering waaronder een krimp van de Nederlandse veestapel. Wat nu met de PAS gebeurt, is als dweilen met de kraan open.’

Hoe nu verder?
De rechtszaak is terecht gekomen bij het Europese Hof via de Raad van State. De rechtszaak is bij de Raad van State aangespannen door coöperatie Mobilisation for the Environment en vereniging Leefmilieu, in samenwerking met stichting Behoud de Peel. De Europese rechter is het met de drie organisaties eens dat de ambitie voor natuurbehoud in het vergunningenprogramma onacceptabel laag is, en dat de beloofde positieve effecten van de natuurherstelmaatregelen nog veel te onzeker zijn. Het is aan de Raad van State om deze uitspraak te vertalen naar een groot aantal rechtszaken die aangespannen zijn op -zoals nu blijkt- onterecht verleende vergunningen voor bedrijfsuitbreiding. Tegen een uitspreek van het Europese Hof is geen beroep mogelijk. De overheid moet nu aan de slag.

Duizenden natuurvergunningen onterecht verleend; van de A27 tot uitbreidingen vanvarkensstallen
De uitspraak komt er op neer dat duizenden natuurvergunningen die sinds 2015 zijn verleend voor de bouw of uitbreiding van kolencentrales, veebedrijven, wegenbouw, biomassacentrales en mestvergisters niet verleend hadden mogen worden. Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben sinds 2015 tegen ruim 400 vergunningbesluiten beroep ingesteld. Naar verwachting zullen al die beroepen gegrond worden verklaard. Mobilisation zal verzoeken indienen om de natuurvergunningen van de drie nieuwe kolencentrales in te trekken van RWE (Eemshaven), Engie en E.ON/Uniper beide in Rotterdam. Ook de vergunningen voor uitbreiding van de A27 en de bedreiging van Amelisweerd zijn hiermee op losse schroeven komen te staan.

Mobilisation en vereniging Leefmilieu hebben niet alle duizenden verleende vergunningen kunnen aanvechten bij de Raad van State. Met elk beroep zijn hoge kosten gemoeid. Daarom zijn vooral vergunningbesluiten geselecteerd van grote bedrijven of bedrijven die op korte afstand liggen van natuurgebieden.

Juridische brondocumenten:
· Voor de uitspraak van het Europees Hof en het advies van de Advocaat Generaal, zie: http://curia.europa.eu/juris/ (zaaknummer 293/17).
· De Raad van State heeft de zaak doorverwezen naar het Europees Hof bij uitspraak van 17 mei 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1260).

(*) toelichting over endotoxinen: Het kennisbericht “Fijnstof en endotoxinen” (versie 2, 24 mei 2017) van het Kennisplatform VHG laat zien dat luchtweg gerelateerde gezondheidseffecten in de nabijheid van veehouderijen vaker voorkomen. Over de afname van longfunctie in de buurt van veehouderijen concludeert het kennisbericht hetvolgende: “Het meest waarschijnlijk is dat deze longfunctieveranderingen samenhangen met de blootstelling aan stof en micro-organismen (endotoxine) direct rond de veehouderijbedrijven.”

Afgelopen week zat Johan Vollenbroek in Vroege Vogels en geeft hij een goede toelichting op deze rechtsgang en de gevolgen:

https://www.nporadio1.nl/natuur-milieu/12412-natuur-leidt-flink-onder-stikstof-hotspot-nederland

Voor een meer uitgebreide radiorapportage waarin meerdere deskundigen aan het woord komen (duur 25 min.):

https://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/475062-oppassen-met-de-pas

BIJLAGE ACHTERGRONDINFORMATIE

Europese Unie en de PAS – hoe zit het
De Europese Unie stelt serieuze regels aan behoud van natuur en milieu, onder meer via de Habitatrichtlijn. Deze richtlijn verplicht elke Europese lidstaat al vanaf minstens 1998 om de belangrijkste natuurgebieden in eigen land in een goede staat te brengen en te houden. Om valse concurrentie te voorkomen is daarom afgesproken dat overal in de Europese Unie gelijke natuur- en milieueisen gelden. Veehouders zijn de grootste bron vanwege de ammoniakemissies uit de mest (circa 80% van de vervuiling komt van veehouderijen). En dat is niet vreemd als je bedenkt dat Nederland in verhouding tot het landoppervlak verreweg het meest vee-intensieve land van Europa is.

Het Europese natuurbeschermingsrecht verplicht alle lidstaten hun belangrijkste natuurgebieden in een goede toestand te brengen en te houden. Als meest minimale wettelijke eis geldt dat bestaande natuurschade in ieder geval niet erger mag worden gemaakt. Inmiddels zijn al heel wat Europese lidstaten stevig op de vingers getikt omdat ze toch vergunningen bleven afgeven waarbij natuurschade toenam.

In 2015 heeft de regering een natuurvergunningen-programma opgezet om bouw van nieuwe inrichtingen, bedrijfsuitbreidingen en wegenbouw te kunnen blijven toestaan, ook als daarbij ernstige natuurschade optreedt door hoge stikstofconcentraties in de lucht. Met dit Programma Aanpak Stikstof (PAS) stelde de Nederlandse regering te voldoen aan de Europese Habitatrichtlijn. Een megaprogramma omdat geprobeerd is alle natuurschadelijke stikstofemissies in heel Nederland in een rekenprogramma te verwerken, met als doel om gecontroleerd vergunningen te kunnen verlenen voor bedrijfsuitbreidingen die natuurschade veroorzaken.

De regering verdedigde haar vergunningenbeleid door natuurherstelmaatregelen te beloven in ruil voor de extra natuurschade. Critici noemen dit beleid een “hypotheek op de toekomst”. De ernst van natuurschade door stikstofuitstoot staat wetenschappelijk vast terwijl er daarentegen gerede twijfel bestaat over het positieve effect van maatregelen om de natuur te herstellen van stikstofschade.

"Natuurschade laat zich zelden makkelijk met een gereedschapskist repareren", zegt Johan Vollenbroek namens de drie natuurorganisaties die de rechtszaak hebben aangespannen.

Uitspraak is geen verrassing; experts roepen het al jaren
De uitspraak van de Europese rechter komt niet als een verrassing. Deskundigen zeggen al jaren dat het vergunningenprogramma van de regering in strijd is met het Europees recht. In 2016 promoveerde zelfs een jurist (mr. Ralph Frins) van de Radboud Universteit in Nijmegen op dit onderwerp. In juli 2018 werd het advies bekend van de Advocaat Generaal, de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Dat advies liet weinig ruimte voor twijfel over hoe het Europees Hof zou gaan oordelen. Bovendien werd in het regeerakkoord van de Nederlandse regering al rekening gehouden met een negatieve uitspraak van de Europese rechter over het PAS. Desalniettemin heeft de LTO, bij monde van Gerbrand van ’t Klooster, voor Reporter Radio op 14 oktober verklaard tevreden te zijn over de wijze waarop het PAS de afgelopen jaren heeft gefunctioneerd.

22 oktober 2018: PAS weg, wat nu?